· 

Namibië - it's good to be back!

 

Natuurlijk slaat de titel van deze blog op mijn eigen terugkeer naar het Afrikaanse continent. Na een maand in Nederland was ik weer terug bij Paul, heel fijn! Maar de titel slaat ook op Namibië zelf. Toen Paul en ik anderhalf jaar geleden de grote beslissing namen tot het maken van onze reis, waren we namelijk op vakantie in Namibië en Botswana! In eerste instantie wisten we nog niet precies welke bestemmingen we zouden kiezen maar één ding wisten we meteen, we komen hier terug! 

Paul crosste met z’n vader via de Fish River Canyon naar Windhoek. Daar kwam Maarten aan en een dag later mijn vliegtuig uit Frankfurt ook. Niet zo raar overigens dat er iedere dag een volgepakte vlucht vanuit Frankfurt naar Namibië vertrekt; Namibië was ongeveer 30 jaar een Duitse kolonie. Toch knap hoe die Duitsers in die relatief korte tijd een stempel op het land hebben kunnen drukken; schnitzel op iedere straathoek, die dan ook weer de Kaiser Wilhelmstrasse heet. Jawohl, het is echt waar. Namibië is sowieso best toeristisch maar om nou iedere keer in het Duits aangesproken te moeten worden; het lijkt Schiermonnikoog wel!

 

Windhoek zelf is in drie woorden samen te vatten: Heel erg saai. Er is werkelijk niets te beleven. Je kan een kerk bezoeken maar die is gewoonweg lelijk, je kan eten bij Joe’s beerhouse (met alle andere toeristen) en je kan eh… nou dat is het zo’n beetje. Maar er zijn wel winkels om je trip goed voor te bereiden: supermarkt, gamma-achtige winkels, dus dat is dan weer een pré! Ook zitten in Windhoek meerdere garages, top want die hadden we helaas ff nodig. Lee houdt van diesel, da’s geen geheim. Maar nu dronk de beste man één liter voor 5km, dat was wel erg gortig! En zoals iedereen wel weet, een probleem met de injectoren ligt dan voor de hand (geen idee wat injectoren zijn overigens, maar goed). Lang verhaal kort: na ongeveer 450 euro afgetikt te hebben, reed Lee weer als een zonnetje en ‘maar' 1 op 7.

 

Maarten was dus voor twee weken ingevlogen en voor hem hadden we een rondje Namibië in hoog tempo gepland. Opzich was het tempo niet heel veel anders dan dat van ons in 2017 maar we zijn nu gewoon erg lui en traag geworden. We staan eigenlijk nooit vroeg op, ons argument daartegen is ‘dieren zetten toch ook geen wekker'. Maar goed, we wilden Maarten redelijk wat laten zien dus een wekker was nu soms wel nodig. We begonnen in Etosha. Etosha is een prachtig natuurpark maar het grootste nadeel aan Etosha zijn de wegen. Er zijn namelijk voornamelijk ‘wasbordwegen’ die zorgen ervoor dat de auto een soort kermisattractie wordt, inclusief een suikerspin aan stof. Vooral als je achterin zit is dit genieten. We hebben voor de momenten dat we met drie personen zijn een extra riem achterin de auto gemaakt. Er hoorde eigenlijk ook een stoeltje bij maar die hebben we die ruimtegebrek niet meegenomen. Je zit dus op een paar kussens in het gangpad en schudt alle kanten op; het is in ieder geval goed voor je core! Awel, Etosha was verder gaaf. Onze eerste zwarte neushoorn was het ultieme hoogtepunt!

 

Daarna zijn we via Damaraland en de Skeletoncoast afgezakt naar de bruisende stad Swakopmund. Onze herinneringen aan Swakopmund waren ongeveer hetzelfde als Windhoek (saai, uitgestorven) maar het verraste ons positief! We hebben lekker geluncht en door de stad geslenterd. Ook hebben we wederom een garage bezocht in verband met wat afgebroken boutjes… gelukkig was ook dat weer snel gemaakt en konden we kajakken in Walvisbay en zandduinen beklimmen in de Sossusvlei. Het feit dat we in die vlei daadwerkelijk regendruppels voelden was zo raar! Aan alles zie je dat het één van de droogste plekken ter aarde is en wij maken er gewoon een heus buitje mee (drie druppels maar voor het gemak noem ik het een buitje).

 

Hierna was het weer tijd om terug te cruisen naar Windhoek om Maarten in de vliegmasjien te zetten! Wij zijn vervolgens nog een paar dagen in de bruisende stad gebleven om het hele interieur van de auto weer stofvrij te maken (tegen beter weten in) en alles wat was los getrild weer aan te draaien :).

 

We bedachten dat we nog meer van Namibië wilden zien en uiteindelijk via het zogenaamde Kgalagadi Transfrontier Park Botswana in wilden. Zo gezegd, zo gedaan! We reden via de fantastische Naukluft woestijn in de richting van de volgende Duitse enclave: Luderitz. Prima dorp om een nachtje door te brengen en wat mooie kiekjes van flamingo’s te schieten. Toen we vervolgens terugtreden en bij een waterhole voor wilde paarden (mijn lievelingsdieren) stonden, kwam er een bus met Nederlandse toeristen aan. Niet echt verrassend, maar dat daaruit een oud-collega stapte was toch wel bijzonder! Dit was de eerste ongeplande ontmoeting met een bekende, die niet wist van onze reis. Heel bizar!

 

Samengevat is Namibië een heerlijk land om rond te reizen, zeker als je van kamperen houdt. Het land is er, net als Zuid-Afrika, echt voor gemaakt. Voor ons is het grote verschil met Zuid-Afrika de veiligheid. In Namibië reden we weer met de raampjes naar beneden en durfden we weer in het wild te kamperen in tegenstelling tot Zuid-Afrika. Helaas zegt dit waarschijnlijk meer over Zuid-Afrika dan over Namibië. Wat Namibië verder echt tot een van onze lievelingslanden maakt, is de leegte, de oneindigheid en het overweldigende landschap. Als we ’s avonds bij ons kampvuurtje omhoog keken naar de miljoenen sterren aan een inktzwarte hemel wisten we het zeker: we will be back. Again.  

 

Reactie schrijven

Commentaren: 2
  • #1

    Alice (dinsdag, 25 juni 2019 20:34)

    *Gniffel* zo leuk om te lezen �. Wat kan je dat goed Pien! Klinkt en ziet er geweldig uit! Hopelijk heeft Lee de komende tijd geen garage meer nodig....

  • #2

    Maria (vrijdag, 28 juni 2019 08:58)

    Zin om te reizen! Ik ben benieuwd wat de volgende bestemming wordt!